Interpretatie van percentielen en betrouwbaarheidsintervallen in blootstellingsmodellen
report
In Nederland maken veel bedrijven en adviseurs gebruik van zgn. rekenmodellen om de blootstelling aan gevaarlijke stoffen op een betrouwbare manier te schatten. De Arbeidsinspectie beschouwt dergelijke rekenmodellen als een goed alternatief voor het uitvoeren van blootstellingsmetingen, die voldoet aan de stand van de wetenschap conform EN689. Hierbij geldt uiteraard wel als voorwaarde dat het gebruikte model wordt toegepast binnen het geldende toepassingsdomein, zoals bepaald door de modelontwikkelaars, en dat het model op de juiste wijze wordt toegepast, en is gevalideerd. De bekendste en meest toegepaste modellen zijn ECETOC-TRA, Stoffenmanager en the Advanced REACH Tool (ART). Daarnaast zijn er ontwikkelaars van praktische tools die een of meer van deze modellen in hun eigen tool hebben verwerkt (Chemrade, Toxic).
Blootstellingsmodellen kunnen worden gebruikt om in te schatten in welke mate werknemers worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen en om deze geschatte waarden te vergelijken met de grenswaarden om veilig gebruik aan te tonen. Welk blootstellingsmodel en welk percentiel wordt gebruikt is afhankelijk van het doel van de blootstellingsschatting. De keuzes die hierbij worden gemaakt, bepalen in belangrijke mate de uitkomst en dus de interpretatie van de geschatte blootstelling.
Blootstellingsmodellen kunnen worden gebruikt om in te schatten in welke mate werknemers worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen en om deze geschatte waarden te vergelijken met de grenswaarden om veilig gebruik aan te tonen. Welk blootstellingsmodel en welk percentiel wordt gebruikt is afhankelijk van het doel van de blootstellingsschatting. De keuzes die hierbij worden gemaakt, bepalen in belangrijke mate de uitkomst en dus de interpretatie van de geschatte blootstelling.
TNO Identifier
1025507
Publisher
TNO
Collation
16 p.
Place of publication
Utrecht