Gecombineerde fysieke en psychosociale belasting

report
Sommige werknemers hebben niet alleen een hoge fysieke belasting tijdens het werk, maar ook een ongunstige psychosociale arbeidsbelasting. Er is relatief weinig bekend over of en hoe de fysieke en psychosociale arbeidsbelasting met elkaar interacteren. Is het effect van een gecombineerde hoge fysieke en hoge psychosociale belasting groter dan de som der delen? En kan de negatieve invloed van een hoge fysieke belasting worden gebufferd door gunstige psychosociale werkkenmerken? Het huidige onderzoek beschrijft (1) het longitudinale verband tussen een gecombineerde hoge fysieke en (on)gunstige psychosociale arbeidsbelasting enerzijds en gezondheidsproblemen, verzuim en kunnen doorwerken anderzijds, (2) hoe dit kan worden verklaard (“waarom?”) en (3) wat de consequenties zijn voor preventieve maatregelen. Hierbij is gebruik gemaakt van literatuuronderzoek, secundaire kwantitatieve data analyses en kwalitatief onderzoek binnen de gezondheidszorg (interviews). Het literatuuronderzoek wees uit dat tussen 2002 en 2012 in 10 publicaties in internationale peer-reviewed tijdschriften het samenspel tussen de fysieke en psychosociale arbeidsbelasting was gerapporteerd. Vier van de tien studies rapporteerden een significant interactie effect. We concludeerden dat er beperkte aanwijzingen bestaan dat een hoge fysieke belasting in combinatie met weinig autonomie het risico op lage rugklachten verhoogt, terwijl veel autonomie het negatieve effect van een ongunstige fysieke belasting buffert. Voor beeldscherm-werkers bestaan er daarnaast aanwijzingen dat de invloed van een hoge fysieke belasting op lage rugklachten wordt versterkt door job strain, terwijl de invloed van een ongunstige fysieke belasting op nekklachten kan worden gebufferd door sociale steun en autonomie. Om het longitudinale verband tussen een gecombineerde hoge fysieke en (on)gunstige psychosociale arbeidsbelasting enerzijds en de uitkomstmaten klachten aan het bewegingsapparaat, burn-out, langdurig verzuim en kunnen doorwerken anderzijds nader in kaart te brengen, zijn secundaire analyses uitgevoerd o.b.v. het NEA cohortonderzoek (2007-2008). Voor geen van de bovengenoemde uitkomstmaten werd een statistisch significante interactie gevonden tussen de fysieke belasting en taakeisen, autonomie of sociale steun van collega’s of de leidinggevende. Een trend (p=0.06) suggereerde dat werknemers met een hoge fysieke belasting én hoge taakeisen een jaar later extra vaak langdurig verzuimden. Op basis van het literatuuronderzoek en de secundaire kwantitatieve analyses bestaan slechts beperkte aanwijzingen voor een interactie tussen fysieke en psychosociale arbeidsbelasting. Om beter te begrijpen welke mechanismen in de praktijk mogelijk een rol spelen, is kwalitatief onderzoek uitgevoerd bij zorgmedewerkers binnen verpleeg- en verzorgingshuizen. Uit het onderzoek bleek dat zorgmedewerkers een hoge werkdruk ervaren en dat deze hoge werkdruk de fysieke belasting beïnvloedt. Enerzijds geven zorgmedewerkers aan dat ze door de hoge werkdruk fysiek belastende taken sneller uitvoeren of meer fysieke taken uitvoeren. Anderzijds put de hoge werkdruk hulpbronnen uit. De zorgmedewerkers ervaren bijvoorbeeld minder sociale steun, nemen niet de juiste werkhouding aan (terwijl ze wel weten hoe dit moet) en zijn minder geneigd hulpmiddelen daadwerkelijk toe te passen. Deze mechanismen leiden tot vermoeidheid, (fysieke) klachten, minder werkplezier en frustraties. We kunnen concluderen dat er op basis van het kwalitatieve onderzoek aanwijzingen bestaan dat de fysieke en psychosociale arbeidsbelasting op elkaar inwerken. Op basis van het huidige onderzoek lijkt het voor preventieve maatregelen belangrijk om werkdruk én fysieke belasting in samenhang met elkaar aan te pakken. De aanpak van werkdruk is een belangrijk startpunt omdat hoge taakeisen directe invloed op de fysieke belasting kunnen hebben en hulpbronnen kunnen uitputten. Daarnaast kan bij preventieve maatregelen ingezet worden op hulpbronnen zoals autonomie, sociale steun van collega’s en leidinggevende en de weerbaarheid van medewerkers. Belangrijk is dat organisaties voorwaarden scheppen zodat medewerkers in staat zijn om deze hulpbronnen daadwerkelijk aan te wenden. Meer kwantitatief onderzoek met een nauwkeurige meting van de fysieke en psychosociale arbeidsbelasting en meer kwalitatief onderzoek, bij voorkeur in een specifieke beroepsgroep, is nodig om beter zicht te krijgen op het samenspel tussen fysieke en psychosociale factoren en effectieve preventieve maatregelen.
TNO Identifier
474130
Publisher
TNO
Collation
82 p.
Place of publication
Hoofddorp